wijzijnerwegvan
in week 02...

Tijdens één van onze omzwervingen door de omgeving passeren we een oude stal. Alhoewel, zo oud is het bouwsel eigenlijk helemaal niet. Wel is de achterkant verwoest door een brand en de ruïne steekt desolaat af tegen de rood verlichte avondhemel. Er staat geen woonhuis bij dit erf, dat verder bezaaid is met oude vrachtauto's, aanhangers, paardentrailers en een oude caravan. Wij zien er nooit iemand; de toegang is afgesloten met hekken, draad en andere van pas komende materialen. Het enige teken van leven wat we waarnemen, is een vaal, vermoeid trekpaard, wat in een modderkuil is opgesloten waar lang, heel lang geleden misschien ooit gras groeide, en dat zich tegoed doet aan een baal hooi. In het gedeelte van de stal dat nog overeind staat, lijkt een hond te huizen, die luid blaffend aangeeft dat we in de periferie van zijn domein verkeren. Het verder zo keurig verzorgde dorpje, met brandschoon geschrobde stoepen, onkruidloze borders, kort gemaaide gazons en blinkend gepoetste auto's staat werkelijk in schril contrast met deze puinhoop. Als we later het adres even googlen - we zijn niet blij met het onderkomen van het paard - zijn we niet echt verrast als we lezen dat de laatste neringdoenende in de zwartgeblakerde bouwval een amfetaminelaboratorium exploiteerde.
Op vrijdag steken we de Belgische grens over en wandelen door Arendonk. Dat we in het buitenland verkeren wordt al snel duidelijk: een heleboel winkelketens die het dorpsbeeld in Nederland bepalen ontbreken, en in plaats daarvan zien we warempel eens een echte lokale drogisterij, om maar een voorbeeld te noemen. Bijna alle postbussen lijken op kleine vogelhuisjes - we vermoeden een creatieve knutselaar annex zakenman in het dorp - en naast elke bakker treffen we een goed gevulde broodautomaat, voor de hongerige, broodnodige Arendonkenaar (om de een of andere reden zijn alle bakkerswinkels op deze vrijdagmiddag gesloten), wat ons verbaast omdat juist onze zuiderburen, zoals wij weten, liever kilometers omrijden voor een lekker versgebakken granenbrood dan zich te laten afschepen met een voorverpakt bruin. Terwijl nota bene als beeldmerk voor de dorpsgeest is gekozen voor de Arendonkse Bordenlikker, symbool van het armzalige eten wat de inwoners - vroeger, nemen we aan - kregen voorgeschoteld. Op het kerkplein, wat hier de grootse naam Vrijheid heeft gekregen, vinden we een boeiende verzameling gefotografeerde portretten. In het kader van het onlangs gevierde 800-jarige bestaan van Arendonk, sieren 800 plaatselijke inwoners een aantal spandoeken met een totale lengte van maar liefst 44 meter. Wie is die blonde dame, kwam ik die zoujuist niet tegen, en wie zou nou de banketbakker kunnen zijn... Wel hadden we het aardig gevonden om er wat viervoeters tussen te zien, die wonen hier immers ook. En moet je blij zijn als je erbij staat, of is dat een teken van verworteling wat je met alle geweld moet vermijden? Een kroegje met de merkwaardige naam Geen Flauw Idee vinden we verder alleen al de moeite van de autorit waard. Wij kunnen ons er vele verhalen bij voorstellen; als iemand het juiste kent, laat het ons even weten!

>Home>